Voldoende bewerkte of verwerkte producten
Als een product materialen uit een derde land bevat, kan het nog steeds in aanmerking komen voor een preferentiële behandeling als die materialen in de EU of het partnerland voldoende zijn bewerkt of verwerkt. De be- of verwerking die voor het verkrijgen van de preferentiële oorsprong van het eindproduct vereist is, wordt bepaald door de toepasselijke productspecifieke oorsprongsregels die in elke preferentiële handelsregeling zijn vastgesteld.
In het kader van preferentiële handelsregelingen bevatten de lijstregels inleidende aantekeningen waarin wordt uitgelegd hoe deze moeten worden gelezen en die betrekking hebben op de vereisten waaraan moet worden voldaan om de preferentiële oorsprong aan het eindproduct toe te kennen.
De productspecifieke regels worden meestal gepresenteerd aan de hand van een tabel die als volgt is gestructureerd:
Voorbeeld uit de handelsovereenkomst EU-Colombia-Peru-Ecuador:
| GS-post | Beschrijving van het product | Be- of verwerkingen van niet van oorsprong zijnde materialen die het karakter van product van oorsprong verlenen(3) of (4) | |
|---|---|---|---|
| (1) | (2) | (3) | (4) |
| 8417 | Industriële ovens en ovens voor laboratoria, niet-elektrische verbrandingsovens daaronder begrepen | Vervaardiging uit materialen van om het even welke post, met uitzondering van materialen van dezelfde post als het product | Vervaardiging waarbij de waarde van alle gebruikte materialen niet hoger is dan 40% van de prijs af fabriek van het product |
De presentatie van de lijstregels kan echter afwijken van het hierboven gepresenteerde model, met name preferentiële handelsregelingen. Zo mogen bijvoorbeeld regels en zelfs alternatieve regels in één kolom worden samengebracht en mogen de producten alleen door de GS-hoofdstukken, -posten of -onderverdelingen worden aangeduid.
| GS-indeling | Productspecifieke regel voor voldoende productie overeenkomstig artikel 5 |
|---|---|
| 84.01 - 84.12 uur | een wijziging ten opzichte van een andere post; of Een wijziging van post binnen een van deze posten, ongeacht of er ook een wijziging van post is, op voorwaarde dat de waarde van niet van oorsprong zijnde materialen die zijn ingedeeld onder dezelfde post als het eindproduct niet hoger is dan 50 % van de transactiewaarde of de prijs af fabriek van het product |
Betekenis van het voorvoegsel “ex”
In sommige gevallen wordt een hoofdstuk, een post of een postonderverdeling voorafgegaan door "ex". Dit betekent dat de oorsprongsregel alleen van toepassing is op het deel van het hoofdstuk, de post of de onderverdeling waarvoor de beschrijving van het product is verstrekt.
Soorten regels voor toereikende be- of verwerking
Er zijn meerdere soorten regels die in de productspecifieke lijstregels worden gebruikt om te bepalen of een product in de EU of in een handelspartnerland voldoende is getransformeerd. Raadpleeg voor de volledige lijst van toepasselijke regels de productspecifieke oorsprongsregels in de desbetreffende preferentiële handelsregeling. Houd er rekening mee dat de regel in sommige gevallen een combinatie van meerdere soorten regels kan zijn.
- De regel "toegevoegde waarde"
Voor veel producten is in een van de regels bepaald dat de waarde van alle niet van oorsprong zijnde materialen die door de fabrikant of exporteur in de EU of een partnerland worden gebruikt, niet hoger mag zijn dan een bepaald percentage van de prijs af fabriek van het product.
Het wordt vermeld als vervaardiging waarbij de waarde van alle gebruikte materialen niet hoger is dan [X] % van de prijs af fabriek van het product of MaxNOM [X] % (EXW).
In dat geval moet u de douanewaarde van alle gebruikte niet van oorsprong zijnde materialen vaststellen en deze vergelijken met de prijs af fabriek van het product, d.w.z. de prijs bij het verlaten van de faciliteit waar het werd geproduceerd.
Aan de regel is voldaan indien de waarde van de niet van oorsprong zijnde materialen het in de regel vermelde percentage niet overschrijdt. - Wijziging van de tariefindeling
Een andere regel die voor veel producten geldt, is een wijziging van de tariefindelingsregel, die bepaalt dat de niet van oorsprong zijnde materialen die bij de vervaardiging van het eindproduct worden gebruikt, mogelijk niet dezelfde tariefindeling hebben als het eindproduct zelf.
De wijziging van de tariefindelingsvereiste kan van toepassing zijn op tweecijferniveau (hoofdstuk), viercijferniveau (rubriek) of zescijferniveau (onderverdeling). Het wordt meestal vermeld als:
vervaardiging uit materialen van om het even welke hoofdstuk/post/onderverdeling, met uitzondering van die van het product;
of
CC (wijziging van hoofdstuk), CTH (wijziging van tariefpost), TSH (wijziging van tariefonderverdeling).
In dit geval moet u de tariefindeling van de gebruikte niet van oorsprong zijnde materialen bepalen (op twee-, vier- of zescijferniveau) en deze vergelijken met de tariefindeling van het product dat u wilt exporteren of importeren.
Aan de regel is voldaan wanneer geen van de gebruikte niet van oorsprong zijnde materialen dezelfde tariefindeling heeft als het eindproduct op het aangewezen niveau. - Productie uit niet van oorsprong zijnde materialen van om het even welke post
Voor bepaalde producten bepaalt de regel “productie uit niet van oorsprong zijnde materialen van om het even welke post” dat een product een toereikende be- of verwerking heeft ondergaan indien de be- of verwerkingen ingrijpender zijn dan die welke als ontoereikend zijn aangemerkt, zelfs indien de bij de vervaardiging gebruikte niet van oorsprong zijnde materialen onder dezelfde tariefindeling zijn ingedeeld. - Specifieke be- of verwerking
Voor specifieke producten worden in de regels de bewerkingen omschreven die moeten worden uitgevoerd om het eindproduct te produceren, zodat het eindproduct preferentiële oorsprong kan verkrijgen. Voor textielproducten, chemische producten en bepaalde landbouwproducten gelden in het algemeen specifieke verwerkingsregels. - Productie uit bepaalde producten of specifieke verwerkingsregels
Voor sommige producten geldt een regel die het gebruik van specifieke niet van oorsprong zijnde materialen uit een derde land (anders dan de EU of het partnerland) bij de vervaardiging van het product toestaat en het product nog steeds kwalificeert als van oorsprong uit de EU of een partnerland.
Het wordt meestal vermeld als: Vervaardiging uit [productsoort], bv. [garen] [vlees], enz.
De fabrikant/exporteur mag het materiaal in een eerdere productietoestand invoeren (bv. voor garen mag u vezels invoeren). De fabrikant/exporteur mag echter geen materiaal invoeren in een later stadium van de productie (bv. voor garen mag u geen weefsel invoeren).